Categorie archief: De Morgen

Capiau en Vangheluwe zouden samen moeten gaan wandelen, dezelfde taal spreken ze al

De Morgen – Opinie – 21/6/2012

Waar Walter Capiau vandaag aan de kust leeft, is bekend. Wandelingen langs het strand, goede herinneringen aan zijn uitzendingen en hoe graag de mensen hem vroeger hadden, ongelooflijk hoe vrolijk hij door het leven gaat.

Of ging. Want zijn leven is niet langer het leven dat hij decennialang in schijn heeft kunnen genieten. Late bekentenissen wegen altijd zwaarder, brengen plots herinneringen naar boven over hoe daders van seksueel misbruik meesters waren in het verstoppen, onderdrukken, negeren en vooral minimaliseren achter concepten zoals ‘tijdsgeesten’ die anders lagen.

Het is opvallend dat nergens melding wordt gemaakt van waar de ‘godsdienstleraar’ Capiau heeft lesgegeven, noch bij welke scoutsgroep hij actief was toen het misbruik plaatsvond. Nogal wat Oost-Vlamingen weten wel beter.

Niet de Katholieke Universiteit Leuven. In 2008 verscheen het dossier: ‘Bekende godsdienstwetenschappers’ waarin bekende Vlamingen uit hun nest werden bewierookt:

“Walter Capiau en Willem Vermandere hebben het katholieke Vlaanderen van de jaren ’50 nog van binnenuit gekend. Beiden startten een priesteropleiding, om enkele jaren later te ontdekken dat hun toekomst elders lag. Beiden volgden ze een opleiding aan de Reep in Gent, werden godsdienstleraar en trokken ontgoocheld de schoolpoort achter zich dicht. Walter Capiau vond zijn weg als entertainer en beleefde intens persoonlijk de veranderingen die Vlaanderen de laatste halve eeuw heeft doorgemaakt (…) In de stroom van het leven die soms heel snel kan gaan, heeft hij zich echter steeds in-gebed gevoeld.”

Bij elke nieuwe bekentenis van daders kruipen slachtoffers in een hoek. Dit is pure zelfverdediging. De herkenning is te groot, dit soort nieuws komt nooit rustig aan. Vooral niet de manier waarop Capiaus woordgebruik bangelijk aansluit bij dat van Vangheluwe. “Ik wist toen niet beter”, “een van mijn slachtoffers heeft me vergeven”, het was allemaal niet zo erg, destijds, taboe, andere tijden.

Dat de niet misbruikte mens terugschrikt voor de bekentenissen van Walter Capiau is normaal. Hij zat verdomme bijna elke avond naast hen in de sofa voor de televisie. Hij was deel van het gezin.

Dat seksueel misbruikte mensen hem zo snel mogelijk uit hun oude sofa willen, uit hun gedachten en stilletjes buiten gaan kotsen tot het over is, mag niemand verwonderen. Capiau heeft slachtoffers gemaakt en leeft in alle rust aan de kust, beschermd door verjaring.

Vangheluwe heeft verschillende slachtoffers gemaakt, maar wordt beschermd door verjaring.

Ze zouden samen eens moeten gaan wandelen, dezelfde taal spreken ze al.

En dat ze dan blijven waar ze zijn. Want niemand zit nog op hen te wachten. Capiau kan rustig het klooster bellen, hij zou niet de enige Belg zijn die daar opvang geniet.

Advertenties

Reacties staat uit voor Capiau en Vangheluwe zouden samen moeten gaan wandelen, dezelfde taal spreken ze al

Opgeslagen onder De Morgen

Zijn woorden als ‘spijt’, ‘vergeving’ en ‘genezing’ genoeg?

De Morgen – Opinie, 10/2/2012

Wat staat de Belgische slachtoffers van seksueel misbruik de komende maanden te wachten? Veel, zoveel is zeker. Er wordt verwacht dat ze beslissen. Waarschijnlijk een van de belangrijkste beslissingen uit hun leven en de tijd begint te lopen. De richtingen die ze uitkunnen op een rijtje.

Piste 1: niets doen
Met de sinds jaren opgebouwde degout tegenover welke niet-oplossing dan ook, kan een slachtoffer vandaag gewoon beslissen dat deze hele heisa aan hem/haar voorbij gaat. Vanuit de overtuiging dat niemand in staat is om voor de nodige erkenning en compensatie te zorgen die voor hem of haar te lang is uitgebleven. Nogal wat slachtoffers zijn moe, hebben niet de energie om de hele mallemolen (nog eens) te doorlopen. Ik ken ze, en respecteer hun mening. Deze overlevers moeten dan ook aanvaarden dat na 31 oktober 2012, de aangeboden pistes (arbitrage of mediatie) definitief gesloten zullen worden.

Piste 2: contact opnemen met het meldpunt van het bisdom waar het misbruik heeft plaatsgevonden

Dit is de piste aangeboden vanuit de kerk en kan een stap zijn die de arbitragecommissie voorafgaat, mocht alsnog geen gewenst resultaat worden bereikt.

Deze geboden mogelijkheid, die per bisdom is georganiseerd, beoogt via gesprekken (mediatie of herstelbemiddeling) tot een vergelijk te komen. Deze weg staat open voor alle slachtoffers, ook diegenen die zich al via juridische weg hebben aangesloten bij andere procedures en voor wie de feiten verjaard zijn.

Als de dader heeft bekend en nog in leven is, bestaan buiten de structuren van de Kerk de vzw’s Suggnomè en Médiante die erkend en gefinancierd worden door de Federale Overheidsdienst Justitie. Daar kan men terecht voor begeleiding door een neutrale derde in de communicatie tussen slachtoffer en dader. Zoniet kan men ook herstelbemiddeling vragen tussen het slachtoffer en een kerkelijke overheid. Lukt dit niet: piste 3.

Piste 3: contact opnemen met de arbitragecommissie
Dit moet gebeuren tussen 1 maart en ten laatste eind oktober 2012. Na deze datum blijven voor slachtoffers alleen nog de drie andere pistes over. De arbitragecommissie is geen mediatief orgaan, haar uitspraken zijn bindend zonder mogelijkheid tot verhaal. Slachtoffers moeten weten dat de verantwoordelijken van het instituut waarbinnen ze werden misbruikt, medezeggenschap hebben in de uitspraak van de commissie. Externe experts zouden de neutraliteit van de uitspraak moeten garanderen, hier is het echter afwachten wat de eerste ervaringen zullen zijn. Hier worden de compensatiecategorieën gehanteerd die ondertussen genoegzaam bekend zijn: van 2.500 euro (cat.1) tot een maximum van 25.000 euro (cat.4), geïsoleerde uitzonderingen kunnen hopen op meer.

Piste 4: groepsvordering tegen de Heilige Stoel, de Belgische bisschoppen en de oversten van de Belgische congregaties

Deze groepsvordering, ingeleid door de advocaten Van Steenbrugge en Mussche, beoogt de gedagvaarde partijen te laten veroordelen voor “schuldig verzuim”. De slachtoffers die zich bij deze groepsvordering hebben aangesloten (127 in februari 2012), beogen erkenning en financiële vergoeding, maar vooral een schuldbekentenis van de kerkelijke oversten die het misbruik niet hebben aangepakt zoals het een instelling als de kerk betaamt, noch zoals het van morele gezagvoerders en machthebbers binnen het instituut mag worden verwacht. De uitspraak ligt in de handen van wereldlijke rechters die zich zullen baseren op bewijsvoering aangedragen door de advocaten en de slachtoffers zowel als door justitie. Deze piste is eigenlijk een complementaire mogelijkheid.

Kleur bekennen
De tijd is aangebroken om kleur te bekennen en ik heb het niet over de slachtofferorganisaties (Werkgroep Mensenrechten in de Kerk (Rik Devillé), SnapBelgium (Lieve Halsberghe), Overleggroep Slachtoffers-Kerk (Jan Hertogen)) maar over de overlevers zelf. Wie met de woorden ‘spijt’, ‘vergeving’, ‘genezing’, ‘erkenning’, ‘tegemoetkoming’, ‘compensatie’ tevreden is, kan zich in de eerste drie oplossingen waarschijnlijk vinden. Voor nogal wat slachtoffers gaat het echter niet uitsluitend over financiële compensatie, erkenning, excuses of enig ander omfloerst woord. Ik wil een niet foutief te interpreteren schuldbekentenis, bovenop het excuus. Een duidelijk ‘mea culpa, mea maxima culpa’ van de kerkelijke verantwoordelijken die de daders de hand boven het hoofd hebben gehouden, meer dan een halve eeuw het probleem systematisch hebben verstopt en genegeerd, het eigen welzijn en de reputatie van de kerk boven het leed van de slachtoffers hebben gesteld en hen daardoor in de situatie hebben gebracht die ze nu eindelijk moeten proberen af te sluiten. “Ik ben schuldig, ik heb schuld, wij hebben schuld.” Voor minder ga ik niet.

Reacties staat uit voor Zijn woorden als ‘spijt’, ‘vergeving’ en ‘genezing’ genoeg?

Opgeslagen onder De Morgen

Zalige kerst, maar niet voor de slachtoffers

De Belgische katholieke kerk is bereid om slachtoffers van seksueel misbruik financieel te vergoeden. Roel Verschueren kan de geste niet zonder bijkomende antwoorden aanvaarden. Verschueren is gevolmachtigd bewindvoerder van de groepsvordering ingesteld tegen de Heilige Stoel, de Belgische bisschoppen en de hogere oversten van de Belgische religieuzen.

Naar aanleiding van de berichtgeving over de oprichting van een arbitragecommissie seksueel misbruik binnen de kerk zou een mens al geneigd zijn een vreugdesprong te maken. Vooral dan slachtoffers van misbruik, die voor het eerst de kans zien op een of andere manier als slachtoffer erkend te worden en in aanmerking te komen voor financiële tegemoetkoming voor het ‘geleden leed’. Niets wijst er op dat dit ook zo zal zijn.

“We proberen ervoor te zorgen dat slachtoffers dit soort nieuws als positief ervaren.” ‘We’ zijn dan de bisschoppen zelf, zoals Johan Bonny het verklaarde, en die duidelijk werd ingelepeld de nadruk te leggen op het feit dat de kerk dit eigenlijk (omwille van verjaring) niet zou moeten doen. Maar nu alsnog haar goodwilltoont om als rechtvaardige kerk beoordeeld te worden. Waarmee meteen stilzwijgend verkondigd werd dat een slachtoffer dat deze ‘geste’ niet waardeert, dan maar de gevolgen moet dragen.

In de media wordt niet één kritische vraag gesteld. Noch in Het journaal, noch bij Terzake, waar spijtig genoeg niemand aanwezig kon zijn langs de zijde van de slachtoffers die opgewassen was tegen de one-man-show van bisschop Johan Bonny. De vragen werden geleid richting kerk, Terzake verzuimde de kritische vragen te stellen die eigenlijk ingebakken liggen in haar publieke opdracht.

Dwingende vragen

Vraag: is het de bedoeling van de kerk om ervoor te zorgen dat zoveel mogelijk slachtoffers alsnog voor een minnelijke schikking kiezen, voor ze naar de arbitragecommissie stappen?

Vraag: is het de bedoeling alleen die slachtoffers te horen en te vergoeden die in geen enkele andere rechtsprocedure zijn verwikkeld, zoals bijvoorbeeld een groepsvordering tegen de Heilige Stoel en de bisschoppen wegens schuldig verzuim?

Vraag: waarom wordt verkrachting door de arbitragecommissie gedefinieerd als daad van penetratie, hoewel al lang wordt aanvaard dat penetratie voor verkrachting bij minderjarigen geen voorwaarde is?

Vraag: als mijn zaak verjaard is en de dader nog rondloopt, doet de kerk dan ook iets om ervoor te zorgen dat die dader uit het circuit wordt gehaald en aangeklaagd?

Vraag: ik heb één van de commissieleden gezien en gehoord tijdens een interview op televisie. De heer Herman Verbist stond nogal neuzenhoog en arrogant te glunderen over wat voor goed werk ze hadden geleverd. Moet ik met deze man praten en onderhandelen, of mag ik iemand kiezen met meer empathie?

Vraag: Mevrouw Lalieux, voorzitter van de parlementaire commissie, zegt letterlijk: “De regeling is er voor alle slachtoffers van seksueel misbruik waarvoor de feiten verjaard zijn.” Bedoelt ze dan ook voor diegenen die zich aangesloten hebben bij de groepsvordering tegen de Heilige Stoel, de Belgische bisschoppen en hoofden van de religieuze congregaties? Mogen die dan afstand doen van financiële vordering in de procedure, maar zich alsnog burgerlijke partij stellen om de leden van de kerk schuldig verzuim te verwijten?

Vraag: Ik héb al alles neergeschreven toen ik aangifte deed bij de commissie Adriaenssens. Ik heb ook al alles nog eens verteld aan justitie en een proces-verbaal opgemaakt. Moet ik nu nog eens mijn verhaal schrijven op jullie nieuw aangifteformulier of mag ik gewoon een kopie bezorgen van de inspanningen die ik al getroost heb om klacht neer te leggen?

Vraag: In artikel IV van het aanvraagformulier staat: “Leg bondig uit wat u wil bekomen door de arbitrageprocedure. U kan preciseren dat u een bijzondere vorm van erkenning van het leed ten gevolge van het misbruik wenst (bijv. een erkenning van de feiten, een gesprek, een brief met spijtbetuiging of met excuses…). Preciseer ook of u een financiële compensatie verwacht, en of uw voorkeur uitgaat naar een minnelijke regeling.” Stel dat ik een brief met spijtbetuiging en erkenning van schuldig verzuim zou willen van kardinaal Danneels, maak ik dan enige kans op financiële compensatie? Stel dat ik graag een brief zou krijgen van de hoofden van de congregaties waar andere slachtoffers, ondertussen niet gewoon lotgenoten maar vrienden, werden misbruikt – ik denk dan aan de Broeders van Liefde, de jezuïeten, de oblaten, de dominicanen, de zusters van liefde, de abdijscholen, en alle andere… – zou dat deel kunnen uitmaken van mijn package deal?

Vals enthousiasme

Niets van dat alles. De pr-show is opgevoerd, de publieke opinie is er nu gerust in dat de slachtoffers minstens een deel zullen krijgen van wat ze vragen, en het moet nu maar genoeg zijn. De inspanning is geleverd, de kerstlucht geklaard. Er kan weer gepreekt worden, de “geloofwaardigheid van de kerk”, zoals Johan Bonny zo mooi formuleerde, is herwonnen.

De kerstperiode was en is voor veel slachtoffers van seksueel misbruik de moeilijkste periode van hun leven. Al meer dan dertig, veertig jaar lang. Je moet slachtoffer zijn om het te begrijpen. Die ambiguïteit tussen gezinsleden die niets met de problemen en het verleden te doen hebben en gewoon rustig en vredig willen vieren, en het slachtoffer zelf dat niet anders kan dan de haat te verstoppen tegen het lied, de stal, de boom, de klokken, de adventkaarsen en gespeelde christelijkheid. Het valse enthousiasme dat slachtoffers doorzien. En dan, het verlangen naar nieuwjaar, wanneer de obligate Kerstman terugvliegt naar waar hij thuishoort. Ver weg, alsjeblieft ver weg. Het is dit jaar niet anders. Als het van de kerk afhangt, is zelfs dit probleem voor de slachtoffers nu definitief van de baan. Zalige kerst allemaal.
Mooi niet dus.

Reacties staat uit voor Zalige kerst, maar niet voor de slachtoffers

Opgeslagen onder De Morgen

De aansprakelijke kerk

Het Engelse High Court heeft deze week een uitspraak gedaan over de aansprakelijkheid van de kerk bij seksueel misbruik. Journalist Roel Verschueren acht een veroordeling van kerkoversten niet langer ondenkbaar. Verschueren is de auteur van de International clergy sexual abuse news monitor.

In een arrest van 8 november spreekt het Engelse High Court zich uit over de vraag of de relatie tussen een bisschop en een priester toelaat om een bisschop burgerlijk aansprakelijk te stellen voor de fouten die worden gepleegd door ‘zijn’ priester. De zaak betrof een daad van seksueel misbruik gepleegd door een Rooms katholieke priester op een zesjarig meisje.

Twee aspecten waren te bewijzen: (1) Is er sprake van een relatie werkgever-werknemer? (2) Werd de misdaad door de werknemer begaan in de uitoefening van het beroep? De rechter moest oordelen over de eerste vraag. Het Engels recht verschilt van het Europese in die zin dat de precedentenleer wordt toepast, waardoor voorgaande rechterlijke beslissingen een gezaghebbende bron van recht zijn. In recente Engelse rechtspraak werd bekeken in welke mate de onrechtmatige daad van de werknemer sterk samenhangt met de omlijning en opdrachten van zijn job: de fout van een leraar op een school zal bijvoorbeeld wel worden toegerekend aan het instituut, maar de fout van de tuinman niet, omdat de inhoud van de job van deze laatste geen rechtsreeks verband houdt met het welzijn van de leerlingen.

In de voorliggende zaak werd de relatie werkgever-werknemer betwist. Via een analyse van de bestaande rechtspraak komt de rechter ertoe te stellen dat de mogelijkheid tot supervisie, organisatie en controle bepalend is. Burgerrechtelijke aansprakelijkheid kan dus ontstaan in andere relaties dan de werkgever-werknemer relatie. Wat uiteindelijk werd onderzocht door de rechter is de volgende rechtsvraag: “Kan de relatie tussen de bisschop en de priester worden gelijkgesteld met een werkgever-werknemerrelatie en in welke mate had de bisschop mogelijkheid tot controle over de priester”.

Uit het advies van experts in canoniek recht bleek dat in de relatie tussen de priester en de bisschop geen sprake was van echte controle of supervisie, van loon en dat er geen formeel contract voorlag. De rechter stelt op basis van dit advies vast dat er inderdaad verschillen bestaan met een normale tewerkstellingsituatie, maar dat toch onderzocht moet worden of er sprake kan zijn van burgerrechtelijke aansprakelijkheid. Vooral volgende overwegingen in het arrest zijn van belang: de priester werd aangesteld door de bisschop om de pastorale taak uit te voeren voor de bisschop en de kerk en werd volledige autoriteit verleend om die taak te vervullen. Hij werd voorzien van de premisses, the pulpit en de klerikale kledij en kreeg toelating om te ageren als een vertegenwoordiger van de kerk. Hij werd opgeleid en gewijd en kreeg van de bisschop macht overhandigd. Hij werd door de bisschop aangesteld in de vertrouwensfunctie, die hij vervolgens misbruikte.

De nv kerk

Hoewel de klassieke voorwaarden om te besluiten tot een tewerkstelling niet voorhanden zijn, meent de rechter niettemin dat de relatie priester-bisschop aanleiding kan geven tot burgerrechtelijke aansprakelijkheid. Het was de autoriteit van de priester die het risico op seksuele aanranding vergrootte. Het was het verlenen van macht, verschaft door de bisschop, die door de priester werd uitgebuit en tot het misbruik heeft geleid.

Het besluit van de rechter is gebaseerd op volgende factoren: de autoriteit van de priester en het verlenen van gezag om te handelen ten voordele van en/of namens de ‘onderneming’ kerk.

Daarom is de bisschop verantwoordelijk voor de gevolgen van de aanstelling van de priester. Hoewel gebaseerd op afwijkende argumenten uit die van de groepsvordering ingesteld door de slachtoffers van seksueel misbruik in België, is deze rechtspraak belangrijk.

In de burgerlijke zaak in België, worden de bisschoppen gedagvaard voor een eigen fout en wordt de Heilige Stoel gedagvaard als aansprakelijke voor de fouten begaan door de bisschoppen. Wij baseren ons daarbij op cassatierechtspraak die stelt dat de mogelijkheid tot toezicht voldoende is om een band van ondergeschiktheid te doen ontstaan, en bewijst foutloze aansprakelijkheid voor misdrijven begaan door de ondergeschikte in de uitoefening van de functie.

In wezen doet de rechtspraak van de Engelse rechter hetzelfde, maar dan in de bisschop-priester relatie. Wij hebben de principes die ook worden weerhouden in het Engelse arrest dus eigenlijk een hiërarchische stap hoger toegepast.

Reacties staat uit voor De aansprakelijke kerk

Opgeslagen onder De Morgen

De kerk moet schuld bekennen

Roel Verschueren (57) krijgt vaak haatmails.
Van gelovigen godbetert. Ze pikken het niet dat hij, samen met tientallen andere overlevers, de kerk dagvaardt. Zagen aan de poten van de Heilige Stoel. Roel Verschueren, slachtoffer van een jezuïet, maar vandaag kruisvaarder zonder paternoster: ‘Niemand wil op zijn palmares een dagvaarding van het Vaticaan. Maar geloof me, het moet.’

DOOR MATTHIAS DECLERCQ

De Kouter in Gent. Het marktplein waar de ‘Mystic Leaves’ weerloos stilliggen. Grote metalen bladeren die zijn ingewerkt in de betonnen tegels. Roel Verschueren overschouwt de troepen. Zwart hemd omgord, grijze haren strak achterover, filter tussen de lippen. De rook gaat rustig op in de ledigheid van het plein. Dikke wolken pakken samen. Vlaams weer. Hij komt er niet vaak, op de Kouter, niet vaak meer in Gent tout court. Verhuisd naar Wenen, in 2004. Hij gaat het ondenkbare doen: het Vaticaan dagvaarden. Niet de staat, maar de kerk.

Roel Verschueren

Verschueren is de formele rechtspartij en de gevolmachtigde bewindvoerder van een groep anonieme slachtoffers van seksueel misbruik binnen de katholieke kerk, die een groepsvordering heeft ingeleid tegen de Heilige Stoel, de Belgische bisschoppen en alle hoofden van de congregaties in ons land. Het zijn advocaten Walter Van Steenbrugge en Christine Mussche die de vordering inleiden.

Een Europese primeur, in navolging van de Verenigde Staten. Een vordering die mondiale gevolgen kan hebben. Het is een uitdaging voor de advocaten, voor het Belgische rechtssysteem en dat van de kerk, het canoniek reglement. Een Europese primeur, op alle vlakken. Maar veel vragen blijven onbeantwoord. Wie is Roel Verschueren eigenlijk?

Zwijgen en werken

Het is wat vreemd voor hem. De Kouter in Gent, op wandelafstand van zijn oude school in de Savaanstraat. Verschueren werd er misbruikt in het zesde leerjaar, door een jezuïet. Ook in de eerste en tweede Latijnse. Er voorbijgaan lukt nog net, de straat inwandelen niet meer. Hij wil kerk noch school ooit nog betreden. De geur van wierook, het stof van krijt. Het gaat er niet meer uit. Twee volwassen kinderen heeft hij in Gent, twee kleine kinderen in Wenen met zijn partner uit een diep christelijk gezin. Ze zijn gedoopt, de kindjes. Uit respect voor de grootouders. Verschueren stond meer buiten dan binnen tijdens het doopsel. De kerkdorpel als te hoge drempel. Het kon niet. Die geur.

Hij zweeg het lang, Verschueren, het misbruik. Zijn geest bleef op slot. Verdringen, bewust vergeten. Het was leven in de schaduw van het verleden. Volle bak werken. Hij stampte na zijn hogere studie een communicatiebureau uit de grond, boekte succes, verpatste zijn bedrijf zelfs aan een concern uit New York. Leven aan honderd per uur. Werken om te vergeten. Maar het borrelde, zijn gemoed werd onrustig. Ze moest eruit, de kwaal, het misbruik. Liefst snel. Geen langgerekt kruisverhoor, maar de waarheid. Kort, rechttoe rechtaan. In 2004, bij het schrijven aan zijn eerste roman, Zwijg als je praat, laat hij de protagonist zijn geheim ‘toevallig’ prijsgeven. Drie vrouwen en drie mannen uit twee generaties botsen er frontaal. Een verhaal van zwijgen en verzwegen worden. “Ik vertaalde een paar hoofdstukken in het Duits voor mijn vrouw. Maanden voor de publicatie. Die vraag: ‘Zijn dit feiten of is dit fictie?’ Ik keek haar aan. Ze wist het. Nu weet iedereen het.”

Zijn eigen dossier kwam eerst bij de commissie-Adriaenssens terecht, vervolgens bij het gerecht. Hij toonde zijn schoolrapporten. Zijn slechte punten voor godsdienst en Latijn. De leraar als oorzaak. Verschueren raakte bekend, in beperkte kringen. Hij praatte met de politie, met slachtoffers, met advocaten. Dezelfde vraag kwam steeds terug: ‘Ik kan toch niet de enige zijn met dat verleden?’ Maar schrijven of praten, België zweeg. Tot april vorig jaar. Vangheluwe. De sneeuwbal. Honderden slachtoffers op het voorplan.

Actie

De sneeuwbal werd een lawine, met de vordering als ultieme noodkreet. Een juridische aanval tegen de kerk. Het is de culminatie van anderhalf jaar bommen en granaten voor het altaar. Van de bekentenis van Vangheluwe, tot de commissie-Adriaenssens, tot de ramkoers van het gerecht, tot de tussenkomst van het parlement, tot de stomp in de maag van een maatschappij in overdrive. Schijngevechten over vergoedingen, over arbitrages, over hulpverlening, over het lot van honderden slachtoffers. Veel blabla, weinig concreets. Het enige wat nu op papier staat is de naam van Roel Verschueren. De wijn wordt ingeschonken. Eén vraag en de sluis gaat open.

“Ik kan toch niet apathisch aan de zijlijn blijven staan? Er moest iets gebeuren. 2010 was mijn zwartste jaar. De bekentenis van Vangheluwe: amper te beschrijven. De inbeslagname door De Troy, nog zoiets. Samen met de presentatie van het rapport-Adriaenssens zijn dat drie blanco dagen. Witte, lege pagina’s. Ik zat in Wenen, maar wilde erbij zijn. Deelnemen aan het beginnende debat hier in België. Ik had het al eens geschreven in een column, dat na landen als Ierland en Oostenrijk ook België niet heiliger kon zijn dan de paus.

“Er wordt nu nog altijd gewoon gebabbeld. Meer niet. Schadevergoedingen? Al iets van gemerkt? Je kunt toch niet blijven wachten op actie? In Ierland is de staat er nadrukkelijk bij betrokken, omdat het misbruik plaatsvond in onderwijsinstellingen, gerund door congregaties, maar eigendom van de staat. Ierland betaalt. Nederland? De commissie-Deetman heeft schadevergoedingen toegezegd, gaande van 5.000 euro tot 100.000 euro in uitzonderlijke gevallen. Oostenrijk? Daar speelt de kerk geen politie en kunnen slachtoffers na aanvaarding van een schadevergoeding zelfs nog altijd een klacht neerleggen. Een snelle, efficiënte afhandeling van het probleem. No nonsense. Een grote groep slachtoffers kreeg centen en is intussen in therapie. In de VS worden al járen enorme schadevergoedingen uitbetaald. Tal van congregaties zijn er failliet gegaan.

“En België, hier wordt gewacht, gekeken en geluisterd naar het buitenland. Resultaat? Niks. Toch niet verwonderlijk dat de kerk dan wordt gedagvaard? De bisschoppen, de congregaties, de paus, ze hadden allemaal de verantwoordelijkheid om die gevallen van misbruik correct in te schatten en te behandelen. Maar ze hebben het niet gedaan. En ja, het proces zal ongetwijfeld jaren duren. En ja, de afloop is misschien onzeker. Maar slachtoffers hebben recht op antwoorden. Er is kritiek gekomen op deze vordering, dat klopt. De uitspraken, zonder enige voorkennis, van Rik Torfs en de druk vanuit de kerk hadden tijdelijk een ontradend effect op het aantal deelnemers. Nadat bleek dat advocate Christine Mussche ook een pedofiel verdedigde, zakte dat aantal plots van in de zeventig naar amper 40. Nu zijn het er opnieuw bijna 80. Overlevers met een overtuiging. We willen zelf aan het stuur zitten.”

Finaliteit

Verschueren vertelt heel rustig, heel gestructureerd. Geen impulsief gehakketak, geen emotionele stoomtrein. Nu en dan een sigaret. Een slok wijn. Hij kijkt in de ogen, verstopt zich niet achter taal en theorie. Zijn emoties goed onder controle. Hij denkt er vaak over na, over zijn levensloop. Van succesvol reclameman tot schrijver/vertaler/vrij journalist tot symbolisch gezicht van een groep slachtoffers van seksueel misbruik. Verschueren heeft een bevlogen pen als het moet, een scherpe tong als het mag. Er hangen geen weerhaken aan zijn discours. Rustige vastheid bijna. Hij is zijn verleden de baas. De dader is dood, dat las hij in een jezuïetenkrantje op het internet.

Het lijkt misschien wat vreemd, voor een ongelovige. Een zelfverklaarde ignost: “De godsvraag is irrelevant omdat het antwoord niet verifieerbaar is. Geloven is al lang geen plicht meer, maar een recht, iets wat niet geloven altijd al is geweest. Neen, ik geloof dus niet.”

Waarom slijpt een niet-gelovige Vlaming dan zijn pen en zijn tong om het instituut kerk zowel juridisch als verbaal te steken? Waarom wil iemand met een warm gezinsleven, met een succesvolle carrière, nagenoeg al zijn tijd en energie investeren in de strijd tegen een instituut waar hij niet de minste voeling mee heeft? Een instituut dat zijn menselijke waardigheid heeft aangetast. Wat is zijn finaliteit? Hij praat over de schadevergoedingen, maar de schade is belangrijker dan de vergoeding. Voor hem draait het in se niet om centen. Hij eist geen blanco cheque voor pijn en verderf van de paus. Maar toch. Het recht als leidraad, is dat voldoende? Dik tachtig slachtoffers scharen zich achter de vorderingen. Tachtig verhalen van menselijk leed, Tachtig andere bedoelingen, tachtig verschillende verwachtingen. Wat wil hij zelf ?

Change

Verschueren: “De kerk dagvaarden is een democratisch toegestane stap van burgers die door het instituut zijn misbruikt en nu het heft in handen willen nemen, los van de ondemocratische en autoritaire organisatie. Ik misken de morele autoriteit van zowel de paus als de bisschoppen omdat ze zich schuldig hebben gemaakt aan misdaden tegen menselijkheid. Klinkt zwaar, maar dat is het ook. Niemand op deze aardkluit wil dat op zijn palmares, een dagvaarding van het Vaticaan. Maar geloof me, het moet.

“Deze groepsvordering is slechts een van de vele middelen die wereldwijd worden ingezet om de kerk, de paus, de Heilige Stoel te dwingen in te zien dat ze goed fout zitten. Het minste dat je kunt verwachten, zelfs als je als gelovige niet misbruikt werd, is dat de rechtstreekse verantwoordelijken van het instituut schuld bekennen. Begrijpen dat macht geen plaats mag hebben in hun missie. En die mensen die ze zelf ten gronde hebben gericht, financieel, moreel en hulpvaardig bijstaan. Geld is geen drijfveer, maar zoveel slachtoffers zijn er zo slecht aan toe, zowel financieel als psychisch, dat er dringend hulp nodig is. En die groep wordt met de dag groter. Elke dag krijg ik nog mails van nieuwe slachtoffers. Maar ook haatmails van diep christelijke fanatici die mij schofferen. Anonieme haatmails, dat ken ik nu ook. Mensen die mij vreemde landkaarten van Duitsland mailen. Het noorden is rood gekleurd. Die kaartjes moeten mij dan duidelijk maken dat het nazisme is ontstaan op een plek waar geen katholieken wonen. Pure waanzin. Maar ik laat me niet afschrikken. ook de anderen niet. Ik niet alleen.

“Ook Rik Devillé van de werkgroep Mensenrechten in de Kerk en Lieve Halsberghe van slachtofferorganisatie SNAP krijgen die nog altijd. Voor zo’n indringend en omvangrijk probleem, mag je toch wel oplossingen verwachten?”

“Wat voor mij minstens even belangrijk is, is dat de kerk haar nederige plaats moet terugvinden binnen een democratische staat. Alle kerkelijke wetten, elke stap die de kerk zet en beslissing die ze neemt, moet onherroepelijk ondergeschikt worden aan de democratische grondwet van het land dat het katholiek geloof als godsdienst heeft erkend en dus tolereert.”

Verschueren hoopt dat de kerk haar plaats niet alleen op wettelijk, maar evengoed op maatschappelijk vlak terugvindt.

Die maatschappelijke plek is veranderd sinds het doorbreken van het taboe. De kleilaag rond seksueel misbruik is gebarsten. Het onderwerp is bespreekbaar. Alleen familiaal misbruik blijft onder de radar. Het stoot Verschueren tegen de borst, de stilstand van de kerk versus de vooruitgang van het maatschappelijk debat. “Het taboe is geëvolueerd, de kerk niet. Na anderhalf jaar is het probleem ten minste bespreekbaar, heeft de maatschappij de ogen geopend, maar de kerk helemaal niet. Tenminste de kerk als instituut niet.”

Verschueren maakt hier een onderscheid tussen de ‘bedieners’ van de liturgie, zoals de bisschoppen en de priesters, en het instituut zelf, de Heilige Stoel.

“Sinds de uitbraak van de schandalen heeft de kerk zich bijzonder archaïsch opgesteld. En dat zal ook niet snel veranderen. Wie denkt het Vaticaan en de heersende paus op andere gedachten te kunnen brengen, is naïef. De vastgeroeste ideeën en regels, de kerk van de dogma’s, dat krijg je er ook de volgende generatie nog niet uit. Denk ik. Er heerst een discrepantie tussen de top en de basis. Er is een onderstroom op gang gekomen in de gelovige gemeenschap. Een onderstroom die het niet eens is met de leidinggevenden van het instituut.

“In Oostenrijk hebben meer dan driehonderd priesters zich ongehoorzaam verklaard aan het Vaticaan omdat ze het niet eens zijn met de huidige standpunten. Zaken als het celibaat, de toegang van vrouwen tot de liturgie, het verouderde canoniek recht, het uitsluiten van gescheiden gelovigen van de communie, pikt de basis niet langer. Dat is toch bijzonder boeiend. Het is een menselijke evolutie van de geloofsgemeenschap. Het sociaal-maatschappelijke engagement van de basis tegenover het machtsmechanisme van de top.”

Mislukking

Kan de kerk zich aan het andere verwachtingspatroon van de basis aanpassen? Met andere woorden, kan de ideologie binnen de kerk écht veranderen?

“Met de huidige paus zal het vast niet lukken. Misschien als er bij de volgende niet-democratische verkiezing voldoende ruimte is voor de nieuwe generatie bisschoppen. Zoals Johan Bonny in Antwerpen. Zij zijn het die de zware lasten dragen, niet de generatie van Danneels. Als in die laag, bij de Bonny’s van deze wereld, begrip ontstaat voor de basis, dán is een omwenteling mogelijk.

“Met Léonard zal het ook niet lukken. Die man is verloren. Op theologisch vlak heeft hij zijn verdienste, maar maatschappelijk? Léonard heeft zich dusdanig arrogant gedistantieerd van elke mogelijke hervorming dat hij buitenspel staat. Danneels net hetzelfde. Oog in oog met Danneels zou ik zelfs agressief worden. ‘Zwijg mij over Danneels’, heb ooit gezegd in een debat. Slip of the tongue. Hij verstopt zich, verslikt zich in zijn eigen onmacht. Hoe kan hij nog in het reine komen met zichzelf. Hij wist álles, dat bevestigen alle bronnen. Maar hij zweeg. Dat maakt mij kwaad. Ik zou het hem nochtans willen vragen: Waarom? Waarom heb je niks gezegd. De psychologie van de verdringing. Die kenmerkt niet alleen slachtoffers.”

Maar wat als de kerk niet muteert? Wat als een jarenlange procesgang op niks uitdraait. Geen geld, geen excuses, geen eerherstel. Dan blijft misschien alleen het stigma over. Hij, Verschueren, die de kerk voor de rechter sleepte. “Dan zal het niet aan de argumentatie liggen, noch aan de juridische onderbouw, noch aan een gebrek aan bewijsmateriaal. Maar er zal een uitspraak komen, in welk land dan ook, voor welk gerecht dan ook, die er geen twijfel zal laten over bestaan dat zowel de huidige paus als bepaalde bisschoppen in de wereld flagrante inbreuken hebben gepleegd tegen de fundamentele mensenrechten van tienduizenden slachtoffers. En zelfs als dat nog lang zal duren, vergeten we ondertussen de kracht niet van echte gelovigen, die vandaag al er alles aan doen om de dringende vraag om hervormingen beantwoord te zien, waardoor ze onrechtstreeks meewerken aan ons einddoel: dat nooit nog een kind binnen de kerk misbruikt wordt.”

Reacties staat uit voor De kerk moet schuld bekennen

Opgeslagen onder De Morgen, Interviews